Veelgestelde vragen over het HPV-vaccin

Snel de feiten: Het HPV-vaccin en wat het voor u betekent

Er is een vaccin beschikbaar dat is ontworpen voor bescherming tegen de twee meest voorkomende kankerverwekkende typen van het HPV-virus. Het eerste HPV-vaccin heet Gardasil en de andere Cervarix. In Nederland is het vaccin Cervarix goedgekeurd. Het vaccin is echter niet voor iedereen, en het 5 jaarlijkse uitstrijkje en (boven de 30) het aanvragen van een HPV-test zijn nog steeds nodig, zelfs als u gevaccineerd bent. Lees verder voor meer informatie.

V

Hoe werkt het vaccin? Welke bescherming biedt het?

A

Gardasil en Cervarix beschermen tegen de twee typen HPV die 70 procent van het aantal gevallen van baarmoederhalskanker veroorzaken (typen 16 en 18). Gardasil beschermt daarnaast tegen de twee typen die de meeste gevallen van genitale wratten veroorzaken (6 en 11). De vaccins zijn echter niet bewezen effectief tegen reeds bestaande HPV-infecties door eerder seksueel contact. De bescherming is dus niet volledig en vrouwen moeten vanaf 30 jaar nog steeds periodiek (om de 5 jaar) gescreend worden met een uitstrijkje en adviseren wij de HPV-test aan te vragen.



V

Wie moeten het HPV-vaccin krijgen?

A

Het vaccin heeft geen aangetoonde effectiviteit bij vrouwen die al zijn blootgesteld aan de beoogde typen van het virus. Een vrouw kan zich daarom het best laten vaccineren voor het eerste seksuele contact. Nederland is in het voorjaar van 2009 begonnen met het opnemen van een vaccin (Cervarix) in het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) voor de leeftijd van 12 t/m 16 jaar.

Een opmerking over mannen: Mannen krijgen ook HPV en kunnen het virus op vrouwen overbrengen. Gebruik van het HPV-vaccin voor jongens en mannen is echter nog niet goedgekeurd. Er zijn op dit moment geen gegevens die aantonen dat het vaccin hen kan beschermen tegen genitale wratten of HPV-gerelateerde kankersoorten (zoals peniskanker, hetgeen zeldzaam is), of dat het overbrenging op vrouwen kan voorkomen.



V

Hoe lang biedt het vaccin bescherming?

A

Tot dusver tonen de onderzoeken aan dat de bescherming door de vaccins tenminste vijf jaar duurt. Het is op dit moment onbekend of aanvullende 'booster'-vaccinaties later nog nodig zijn.



V

Kan iemand na vaccinatie nog steeds baarmoederhalskanker of genitale wratten krijgen? Zijn regelmatige uitstrijkjes en HPV-testen nog nodig na vaccinatie?

A

Op beide vragen is het antwoord ja. Zelfs na vaccinatie hebben vrouwen nog steeds vanaf de leeftijd van 30 jaar periodiek (om de 5 jaar krijg je een oproep voor het bevolkingsonderzoek) een uitstrijkje nodig en adviseren wij de HPV-test. De reden hiervoor is:

  • De bescherming van het vaccin is incompleet. Er zijn grofweg 15 typen van het HPV-virus die baarmoederhalskanker kunnen veroorzaken. Cervarix is ontworpen ter bescherming van twee typen (16,18) van het virus, die verantwoordelijk zijn voor 70 procent van alle gevallen van baarmoederhalskanker. Het vaccin beschermt vrouwen echter niet volledig tegen de overige 30 procent gevallen van baarmoederhalskanker, veroorzaakt door andere 'hoog risico' typen HPV. 
  • Het vaccin kan niet iedereen beschermen. HPV wordt overgedragen door intiem (seksueel) huid-op-huid contact. Recent onderzoek wijst er dan ook op, dat het vaccin voor volledige effectiviteit moet worden toegediend voordat meisjes seksueel actief worden. Met andere woorden: het ideale moment voor vaccinatie is in de puberteit. 
  • Er zijn nog veel onbekende aspecten. Het is bijvoorbeeld niet bekend of een 'booster'-vaccinatie later nog nodig is om continue bescherming te garanderen.

Daarom zijn vaccinatie, het uitstrijkje en HPV-testen belangrijke hulpmiddelen in de strijd tegen baarmoederhalskanker.