HPV typen en prevalentie

  • Humaan papillomavirus (HPV) is het meest voorkomende seksueel overdraagbare virus. Er zijn meer dan 150 afzonderlijke gebiedsspecifieke typen papillomavirus, waarvan ongeveer 30 zich richten op de genitale zone1. De klinische manifestatie is afhankelijk van de locatie van epithelium, het type HPV en de immuunstatus van de gastvrouw.

  • 'Hoog risico' typen genitale HPV worden gevonden in bijna alle cervixcarcinomen en daaraan voorafgaande laesies1. Zie het onderdeel over HPV typen voor meer informatie.

Prevalentie van baarmoederhalskanker

Baarmoederhalskanker is de op één na meest voorkomende vorm van kanker bij vrouwen wereldwijd. Deze ziekte treft 500.000 vrouwen, waarvan nog steeds 275.000 overlijden. Volgens een schatting van de American Cancer Society zijn er in 2007 ongeveer 11.150 gevallen van invasieve baarmoederhalskanker geconstateerd in de Verenigde Staten, en bijna 3.670 vrouwen overleden aan de ziekte.

 

HPV and Cervical Cancer Prevalence
American National Cancer Institute SEER data 1990-1994 and Melkert et al., 1993. Int J Canc 53:919

Per jaar worden in Nederland bijna 600 cervixcarcinomen gediagnosticeerd en sterven er ongeveer 200 vrouwen aan deze ziekte. De incidentie van cervixcarcinoom toont een leeftijdsgerelateerde curve. De incidentie onder de 30 jaar is zeer laag (<3/100.000 vrouwen), terwijl de incidentie boven de 30 jaar varieert tussen de 6-19/100.000 vrouwen, afhankelijk van de leeftijdcategorie (gegevens 2003, www.ikcnet.nl).

Relatie tussen HPV en baarmoederhalskanker

  • Volgens de World Health Organization en de American National Institutes of Health is HPV de oorzaak van vrijwel alle gevallen van baarmoederhalskanker. (Een onderzoek, gepubliceerd in het nummer van 19 augustus 1999 van het Journal of Pathology beschreef dat HPV aanwezig is bij 99,7% van de gevallen van baarmoederhalskanker.) Uit onderzoek blijkt een sterk causaal verband tussen HPV en baarmoederhalskanker, onafhankelijk van andere risicofactoren.

  • Verder onderzoek heeft bevestigd dat persistente HPV-infectie de oorzaak is van baarmoederhalskanker, en dat een test voor 'hoog risico' HPV het risico op baarmoederhalskanker kan voorspellen, zelfs bij vrouwen met een normaal resultaat van het uitstrijkje.

  • Van de ongeveer 150 HPV typen die zijn geïdentificeerd worden ongeveer 15 'hoog risico' typen geassocieerd met kanker (waarvan er 13 beschouwd worden als klinisch het meest belangrijk). Persistente infectie met deze 'hoog risico' typen is nodig voor de ontwikkeling van baarmoederhalskanker.

  • Een HPV-infectie is echter niet voldoende om carcinoom te veroorzaken, aangezien kwaadaardige tumoren zich alleen ontwikkelen nadat door HPV ontstane laesies meerdere jaren hebben bestaan2.

  • Een HPV-infectie kan vele jaren latent aanwezig zijn. De meeste vrouwen overwinnen een HPV-infectie binnen 9-15 maanden. Vrouwen met persistente 'hoog risico' HPV-infectie hebben 300 keer meer kans op ontwikkeling van hoge graad squameuze intra-epitheliale laesies (HSIL).

HPV-testen

  • In het verleden was het uitstrijkje de enige verdedigingslinie tegen aandoeningen en kanker aan de cervix. Er is nu echter een nieuwe manier - de digene HPV Test *, de eerste door de FDA goedgekeurd test met CE-markering, met tot 100% klinische sensitiviteit samen met het uitstrijkje. Dit biedt uw patiënt meer zekerheid.

  • Uit onderzoek blijkt dat door de HPV-test met een uitstrijkje te combineren de sensitiviteit voor aandoeningen van hoge gradatie en kanker aan de cervix kan oplopen tot 100 procent.

  • Daarnaast verzekert het gebruik van HPV-testen voor vervolgonderzoek bij jongere vrouwen (vanaf 20 jaar) samen met onduidelijke (ASC-US) Paps, een minimalisatie van invasieve ingrepen.

  • De digene HPV Test biedt een grotere zekerheid dat u CIN 2/3 of kanker in de meest vroege stadia niet mist.

  • In vele landen hebben medische organisaties inmiddels richtlijnen uitgegeven waarin HPV-testen naast het uitstrijkje worden aanbevolen bij de screening op baarmoederhalskanker. Dit is ook het geval in Nederland, waarbij momenteel de HPV-testen geadviseerd wordt in het herhaaltraject volgend op een afwijkende uitstrijk (richtlijn NVVP zie www.pathology.nl), en kent de HPV-test een belangrijke toepassing binnen het controletraject na behandeling van CIN-laesies.

    Ter discussie staat of het uitstrijkje niet helemaal vervangen zou kunnen worden door HPV testen. Een advies van de Gezondheidsraad ten aanzien van het invoeren van de HPV-test als primaire screeningstest in het Bevolkingsonderzoek-Barmoederhalskanker (BVO-BMHK) wordt in de 2e helft van 2010 verwacht. Zie het onderdeel van deze website over 'medische richtlijnen voor screening op HPV' en baarmoederhalskanker’ voor meer informatie.


Bronnen:

1 National Institutes of Health (NIH). Consensus Development Conference Statement. 1996.
2 Pfister H. The role of human papilloma virus in anogenital cancer. In Lorincz AT, Reid R, editors. Human Papillomavirus 1. 2e ed. Obstet Gynecol Clin NA 1996; 23: 579-595.
3 Franco EL. Epidemiology of anogenital warts and cancer. In: Lorincz AT, Reid R, editors. Human Papillomavirus 1. 2e ed. Obstet Gynecol Clin NA 1996;23:597-623.
4 Cox JT. Clinical role of HPV DNA testing. In: Lorincz AT , Reid R, editors. Human Papillomavirus 1. 2e ed.1996. Obstet Gynecol Clin NA 23(3):811-851.
5 Ferenczy A. The bethesda system (TBS): advantages and pitfalls. In: Franco E, Monsonego J, editors. New Developments in Cervical Cancer Screening and Prevention. 1997:151-158.

* De door de FDA goedgekeurde "digene HPV Test" met CE-markering is bij laboratoria en artsen ook bekend als de "digene HC2 HPV DNA Test®". Hiermee wordt niet het QIAGEN-product bedoeld waarmee getest wordt op verschillende typen van het virus algemeen bekend staand als 'laag risico HPV', die niet geassocieerd worden met baarmoederhalskanker.